• Type project

    Infrastructuur

  • Client

    De Vlaamse Waterweg

  • In samenwerking met

    Robbert de Koning

Het Albertkanaal wordt in de toekomst op verschillende plaatsen verbreed om te voldoen aan de noden van een moderne hoofdwaterweg. Daarbij wordt de huidige doorvaarhoogte aangepast met ca. 2 meter. In het kader hiervan worden een 20-tal bruggen vervangen door een nieuw generieke boogbrug naar het ontwerp van ingenieursbureau Ney & Partners. De studieopdracht van CLUSTER bestaat erin de ruimtelijke inpassing van het nieuwe generieke brugtype landschappelijk vorm te geven, inclusief de bijhorende wandel-, fiets- en wegenisaansluitingen.

 

De landschapsstudie is opgebouwd uit twee parallelle sporen. In het eerste spoor wordt een toolbox van generieke type-oplossingen voor de landschappelijke inpassing van de landhoofden, taluds, fietsaansluitingen, jaagpadaansluitingen en materialisaties ontwikkeld. In het tweede spoor worden deze generieke type-oplossingen getoetst en bijgesteld in functie van de specifieke kenmerken en problematieken van elke locatie. De wisselwerking tussen beide sporen heeft geleid tot een uitgebreide handleiding met ontwerpprincipes die als achtergronddocument dient voor het ingenieursbureau dat belast is met de technische uitwerking van de verschillende bruggen.

In het ruimtelijk ontwerp van de bruggenhoofden wordt een onderscheid tussen twee landschappelijke componenten: de taludkop en de taludflank. Beide componenten worden gekenmerkt door een specifieke inrichting en functionaliteit. De taludkop is altijd generiek en accentueert het landhoofd van de monumentale boogbrug. De taludflank is altijd contextueel. Daarbij staat een optimale landschappelijke integratie in de omgeving centraal.

Landschappelijke componenten & geometrische verhoudingen taludkop- taludflank
Visualisatie
Overzicht generiek ontwerp met opgaande beplanting